Esmeralda Tijhoff

Some thoughts on History, Politics, and the Art of Living

Je zakken kunnen vullen: Kleding als emancipatie

Anna Maria den Tex-Boissevain

Kleding voor vrouwen is vandaag de dag nog steeds gericht op mode en niet op gebruik. Broekzakken die zijn dichtgenaaid of geheel afwezig, er zijn niet functionerende ritsen bedoeld voor de sier, stof dat te dun is om meerdere seizoenen gedragen te worden, schoenen zonder degelijk profiel en mét hoge punthakken,… Het lijkt erop dat vrouwen zich vooral niet comfortabel, warm en beweeglijk mogen voelen. Dat was rond 1900 nog erger. Twee zussen Boissevain vertelden in de schoolkrant van 1896 over hun kleding-frustraties. Zij hadden als kind relatieve vrijheid gekend op de buitenhuizen. Maar naar mate zij ouder werden, liepen ze steeds vaker tegen praktische problemen aan, veroorzaakt door knellende vrouwenkleding.

De Natuurstudie vereist bewegingsvrijheid

Kleding was een issue waar An en Mia al vroeg mee in aanraking kwamen. An en Mia Boissevain waren dol op de natuurstudie en botanie. Als kind speelden zij in de bossen rond Teylingerbosch, een buitenhuis waar hun gezin de zomer doorbracht. Zij sprongen met palen over sloten, vingen padden en klommen in bomen om insecten te bekijken. Voor een mooie plant of bijzondere bloem trotseerde ze prikkeldraad en de toorn van de boswachter.

De meisjes namen hun natuurschatten mee naar huis om ze daar te bestuderen. De oude Frederik van Eeden kwam er geregeld op bezoek en hielp de zussen dan in het determineren en onderzoeken van hun meegebrachte planten en dieren.

Door hun botanie hadden de zussen nogal last van de mode voor vrouwen die lange jurken en rokken voorschreef. In zulke kleding kon je moeilijk springen en klauteren. Geen wonder dus dat in een artikel over botanie in de schoolkrant van Mia Boissevain, gezegd werd dat het grote plezier al begon bij het aankleden. De meisjes moest zich namelijk ‘zoo leelijk mogelijk aankleeden’ om de natuur in te trekken.[1]

Waarom hebben rokken en jurken geen zakken?

Een andere bron van ergernis was de afwezigheid van  zakken. Mia Boissevain zat in de redactie van de schoolkrant van de Gouden Meisjesschool, de Debater. In januari 1895 noemde deze krant de mode voor vrouwen ‘kinderlijk’, en riepen zij op de kleding aan te passen aan de praktische eisen van de moderne tijd. Dat wilde met name zeggen dat de kleding dringend goede zakken nodig had.

Mia Boissevain en enkele van haar schoolvriendinnen.Want terwijl de jongens hun griffelkoker en sponzendoos makkelijk in hun zakken kwijt konden, waren de meisjes gedwongen deze items in de hand te houden. Daardoor kregen zij er in de winter verkleumde vingers en konden ze nooit mee doen aan sneeuwballen gooien of andere spelletjes.[2]

En nu volgens de krant de meisjes ‘dezelfde vrijheid tot werken en stuuderen wordt gelaten als aan jongens’, moesten de zakken óók groter worden. Waar zou zij anders de vademecum, potlood en mes, pennenhouder en zakinktkoker, portefeuille, lucifersoosje, porte-monaie, speldendoos en handschoenen in moeten bergen?

De kleding van de meisjesstudent

Was kleding al een probleem voor meisjes op de middelbare school: het werd nog erger op de universiteiten. Egodocumenten van de eerste generaties vrouwelijke studenten wijzen erop, dat zij een specifieke tactiek ontwikkelden om geaccepteerd te worden binnen de academie. Zij kleedden zich eenvoudig en probeerden zo in uiterlijk, maar ook in gedrag, niet op te vallen.

Kledij was ontzettend belangrijk voor pioniersters waaronder de vrouwen die publieke redes hielden, of de vrouwen die een plek opeisten in de academische wereld. In commentaren op de toespraken van vrouwen bijvoorbeeld, werd het uiterlijk van de spreekster steevast benoemd en becommentarieerd. En nog steeds kan de media het niet laten om de kleding van vrouwelijke politici interessanter te vinden dan hun politieke inhoud.

De pioniersters probeerden er vrouwelijk, maar niet frivool uit te zien. Ook Aletta Jacobs noemde haar kledij in haar autobiografie. Zij zou zelf een relatief simpele ‘rechte, stijve’ zwarte jurk hebben genaaid om haar acceptatie aan de universiteit te vergemakkelijken.

Toen An Boissevain ging studeren zal zij een soort gelijke strategie hebben toegepast. En dat zal haar makkelijk af zijn gegaan. Zij was immers een intelligente vrouw die van zichzelf weinig op had met koketterie en die kritische vraagtekens zette bij de onhandige kledij voor vrouwen.

An Boissevain en Tora in de jungle

tekening uit het kinderboek Tora bij de Trios's van Tora met haar kort geknipte haren in een hangmat in de jungle van Suriname

Kleding was ook een terugkerend thema in het kinderboek Tora bij de Trio’s (1923) dat An schreef.  Dit boek had een sterk autobiografisch karakter en de hoofdpersoon Tora is duidelijk gebaseerd op Ans jeugd. An  omschreef onder andere hoe de 15-jarige Tora een zilveren armband maar weinig kon waarderen: ‘Zoo’n bungelend ding om je arm is maar lastig.’[3]. Deze Tora ging op expeditie door de jungle van Suriname met haar ouders. Op de boot van Nederland naar Suriname besloot ze haar lange haren eraf te knippen: een revolutionaire daad in die tijd. Kort haar was veel handiger, besloot Tora.

Toen de moeder van Tora voor het eerst haar ‘wildernispak’ aan trok, haalde ze ook opgelucht adem. Eindelijk kon ze eens lopen, ‘zonder dat er van die fladderplooien om je kuiten trekken’. De moeder benadrukte dat ze zich in haar nieuwe kleding: ‘zoo kwiek als een jongen’ voelde. Waarop ze meteen aan het stoeien sloeg met de kinderen.[4]

 

Tegenwoordig is er kleding te koop voor vrouwen waar zakken wél standaard zijn. Maar vreemd genoeg blijven deze kleding de uitzondering. Een teken dat de emancipatie nog lang niet voorbij is.

 


Afbeeldingen

  1. Jeugdfoto van An Boissevain uit het familiealbum van Jan en Nella Boissevain-Brugmans.
  2. Mia Boissevain (gestreepte jurk) en enkele van haar schoolvriendinnen.
  3. Tora met haar kort geknipte haren in een hangmat in de jungle van Suriname.

 


Noten

[1] De Debater no 14. 27 mei 1895 Archief Mia

[2] de Debater 14 januari 1895. 1e jrg. no 5. Archief Mia.

[3] Tora bij de Trio’s 5.

[4] Tora bij de Trio’s 81

You can leave a response, or trackback from your own site.

Leave a Reply